Meer handen aan het bed door ‘gevonden’ btw-geld

Besparing bij ziekenhuizen ruim 80 miljard

Veel van mijn opdrachtgevers zijn werkzaam in de zorg. Uit ervaring weet ik dat bezuinigingen daar aan de orde van de dag zijn. Daardoor is het vaak een heel gepuzzel om voldoende handen aan het bed te krijgen en te houden. Inkoper Ruud Oosterik haalt voor een aantal ziekenhuizen veel geld terug, puur door te controleren of bij de inkoop het juiste btw-tarief is gehanteerd. Geld dat weer ingezet kan worden voor de kwaliteit van de zorg. Hij legt je graag uit hoe dat werkt.

Ruud Oosterik was ooit onder meer operatie-assistent en komt dus van de werkvloer van het ziekenhuis. In zijn huidige functie als inkoper neemt hij zijn medische kennis mee. In tegenstelling tot de meeste belastinginspecteurs weet hij welke producten voor welk doel worden gebruikt en welk btw-tarief daarvoor gehanteerd hoort te worden.

Hoe ben je op het idee gekomen om in die btw-tarieven te duiken?

“Als inkoper was ik een keer betrokken bij een aanbesteding in het ziekenhuis. Daarbij dreigde één leverancier buiten de boot te vallen, omdat hij het hoge btw-tarief van 21 procent hanteerde. Toen ik hem zei dat dit volgens mij niet klopte, vertelde hij dat hij van zijn inspecteur de opdracht had gekregen om dit tarief te hanteren. Samen hebben wij daartegen bezwaar gemaakt en dat lukte. Toen dacht ik: ‘Als er voor dit product een verkeerd btw-tarief wordt gehanteerd, dan is het de moeite waard om eens te kijken of dat ook voor andere producten en diensten geldt.’ En dat bleek inderdaad zo te zijn. Sterker nog: het kom heel vaak voor.”

Waar komt die verwarring door?

“Belastinginspecteurs missen de medische achtergrond en zoeken hun informatie vooral op Google en Wikipedia, in plaats van aan de gebruikers en leveranciers te vragen waarvoor producten dienen. Er bestaat wel een wet op de omzetbelasting, maar die dateert uit 1968. Door alle medische ontwikkelingen komen er allerlei producten bij die daarin niet zijn opgenomen. Er zijn af en toe wel updates, maar die lopen natuurlijk altijd achter op de praktijk.”

Kun je een voorbeeld geven van de onduidelijkheid die hierdoor kan ontstaan?

“Jazeker. Voor katheters geldt bijvoorbeeld het lage btw-tarief. De richtlijn omschrijft een katheter als ‘een buisje dat iets naar, van of door het menselijk lichaam transporteert om de lichaamsfunctie te verbeteren’. Je zou denken dat dit tarief dan ook zou moeten gelden voor het ballonnetje waarmee een stent in de kransslagader wordt opgeblazen bij het dotteren, aangezien dat vrijwel dezelfde functionaliteit heeft. Maar dat was niet zo, voor die ballonnetjes gold het hoge tarief.”

Wat heb je met dit gegeven gedaan?

“In samenwerking met de leverancier en de belastingdienst hebben we kunnen laten vaststellen dat de productgroep ‘katheters’ breder kan worden toegepast. Daardoor geldt voor al deze producten nu het lage tarief. En het mooie is: onterecht betaalde btw kan tot vijf jaar worden teruggevorderd. Dat alles heeft tot nu toe een besparing bij de ziekenhuizen opgeleverd van ruim tachtig miljoen euro.”

Wat doen de ziekenhuizen met dit ‘gevonden geld’?

“Mijn ervaring is dat ze het veelal uitgeven aan de kwaliteit en kwantiteit van het personeel. Dat is natuurlijk heel mooi!”

Ziekenhuizen zijn zeker wel blij met je

“Ja, maar de leveranciers ook. Wanneer een leverancier van zijn inspecteur het hoge tarief moet berekenen terwijl andere aanbieders het lage tarief mogen hanteren, geeft dat oneerlijke concurrentie. Een verschil van 15 procentpunt kan veel uitmaken bij bijvoorbeeld grote aanbestedingen.”

Nu heb je het vooral over de aanschaf van producten en apparatuur. Hoe zit het met de inzet van medewerkers?

“De btw op diensten verschilt onderling ook enorm. Het maakt veel uit of je een verpleegkundige inhuurt, een techneut of een kapster. Het is echt de moeite waard om dit te onderzoeken en dat doe ik dus ook.”

Denk je dat er ook andere branches zijn waarin jouw aanpak veel zou kunnen opleveren?

“Absoluut. Wat voor de ziekenhuizen geldt, geldt volgens mij ook voor bijvoorbeeld de landbouw of de industrie. Maar zelf houd ik het bij de zorg. Daar weet ik immers het meeste vanaf.”

Naar de site van Oosterik Advies

Naar overige artikelen uit deze nieuwsbrief...

Nieuwsbrief archief